Er komt geen inkt uit/onscherp of vaag/onjuiste of uitgelopen kleuren/strepen
Er komt geen inkt uit
Onscherp of vaag
Onjuiste of uitgelopen kleuren
Strepen

Opmerking
-
Raadpleeg deze webpagina als afdrukken leeg zijn, zwart niet wordt afgedrukt, vaag is of een blauwe of rode tint heeft.
-
Controle 1 Controleer de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit.
-
Controle 2 Druk een controleraster voor de spuitopeningen af en reinig zo nodig de printkop.
-
Stap 1 Druk het controleraster voor de spuitopeningen af.
Als het raster niet correct wordt afgedrukt, controleert u of de inkttank van de problematische kleur leeg is.
Als de inkttank niet leeg is, gaat u naar de volgende stap.
-
Stap 2 Controleer het afgedrukte controleraster voor de spuitopeningen.
-

Als het controleraster voor de spuitopeningen vergelijkbaar is met B1:
Als het controleraster voor de spuitopeningen vergelijkbaar is met B2:
-
Opmerking-
Voor informatie over het afdrukken van het controleraster voor de spuitopeningen.
-
Vanaf de printer
-
Vanaf de computer
-
Voor Windows:
-
Voor macOS:
-
-
-
-
-
Stap 3 Reinig de printkop.
Druk na het reinigen van de printkop het controleraster voor spuitopeningen af en controleer het resultaat.
-
Vanaf de printer
-
Vanaf de computer
-
Voor Windows:
-
Voor macOS:
-
Als het resultaat hierdoor nog steeds niet is verbeterd, gaat u verder met de volgende stap.
-
-
Stap 4 Voer nogmaals een reiniging van de printkop uit.
Druk na de reiniging van de printkop nogmaals het controleraster voor spuitopeningen af en controleer het resultaat.
Als het resultaat hierdoor nog steeds niet is verbeterd, gaat u verder met de volgende stap.
-
Stap 5 Voer een diepte-reiniging van de printkop uit.
Druk na de diepte-reiniging van de printkop het controleraster voor spuitopeningen af en controleer het resultaat.
-
Vanaf de printer
-
Vanaf de computer
-
Voor Windows:
-
Voor macOS:
-
Als dit niet is verbeterd, schakelt u de printer uit, wacht u minstens 24 uur en gaat u dan verder met de volgende stap.
-
-
Stap 6 Voer nogmaals een diepte-reiniging van de printkop uit.
Druk na de nieuwe diepte-reiniging van de printkop het controleraster voor spuitopeningen af en controleer het resultaat.
-
Vanaf de printer
-
Vanaf de computer
-
Voor Windows:
-
Voor macOS:
-
Als het resultaat hierdoor nog steeds niet is verbeterd, gaat u verder met de volgende controle.
-
Controle 3 Voer Inkt in printkop vervangen uit.
- Inkt in printkop vervangen
Als het uitvoeren van Inkt in printkop vervangen de afdrukresultaten van het controleraster voor de spuitopeningen niet verbetert, kan het vervangen van de printkop het probleem mogelijk oplossen.
Klik hier voor meer informatie.
Opmerking
-
Om afbeeldingsproblemen te minimaliseren, raden we aan om eenmaal per week af te drukken.
Controle 4 Als u papier met één bedrukbare zijde gebruikt, moet u de juiste bedrukbare zijde van het papier controleren.
Als u afdrukt op de verkeerde zijde van dit soort papier, kunnen de afdrukken onduidelijk worden of kan de kwaliteit minder worden.
Wanneer u papier in de achterste lade plaatst, plaatst u het papier met de afdrukzijde naar boven.
Raadpleeg de instructiehandleiding bij het papier voor meer informatie over de bedrukbare zijde.
-
Raadpleeg ook de volgende gedeelten als u gaat kopiëren:
-
Controle 5 Is de glasplaat vuil?
Reinig de glasplaat.
-
Controle 6 Zorg dat het origineel correct op de plaat is geplaatst.
Plaats het origineel op de plaat met de te kopiëren zijde omlaag gericht.
-
Controle 7 Is de bron voor kopiëren een papier dat is afgedrukt op de printer?
Als u een afdruk die is gemaakt met deze printer, als origineel gebruikt, kan de afdrukkwaliteit afnemen, afhankelijk van de staat van het origineel.
Druk rechtstreeks af vanaf de printer of druk, indien mogelijk, nogmaals af vanaf de computer.
-
Opmerking- Er kan op natuurlijke wijze lucht in de printkop (A) komen, die de inkt uitspuit en in de leiding (C) die deze verbindt met de inkttank (B).Als deze lucht naar de kop wordt gevoerd en zich daar ophoopt, kan het moeilijk worden om de inkt (D) af te geven.
- De dwarsdoorsnede van de leiding (E) laat zien dat er een kleine hoeveelheid lucht (F) binnenkomt.Deze minuscule hoeveelheid lucht wordt tijdens het afdrukken met de inkt meegevoerd en heeft geen invloed op het resultaat. Als de printer echter lange tijd niet wordt gebruikt, ontstaan er grote luchtbellen (G).Grote luchtbellen worden naar de printkop getransporteerd. Wanneer de hoeveelheid lucht in de printkop (A) een bepaald niveau bereikt, wordt de inkttoevoer beperkt, waardoor onscherpe afbeeldingen of blanco pagina's worden uitgevoerd.

